Nederige toekomstvisie

Ik ben helemaal geen waarzegger, maar mijn korte ervaring met diverse leveranciers en de standaardisering van zonnepanelen en omvormers, wekt elektriciteit op in... mijn ellebogen.  Die denken dat op termijn misschien volgende routes wenselijk zijn qua onderzoek:

1. Het inbouwen van de inverters in de zonnepanelen zelf. 
1.1. Een vermogen van 123 Watt per paneel zoals bij mij, vraagt toch niet zoveel diodes om er rechtstreeks 220V wisselstroom van te maken.  Samen kunnen ze dan best gewoon op een zeer klassiek stopcontact worden gestopt en dat circuit moet dan maar de zonnestroomteller aangesloten worden.
1.2. Alternatief is dat de zonnepanelen onderaan een klein rotatiemechanisme krijgen, dat zichzelf iets meer naar de zon richt.  Niettemin verraste het me nu dat ook bij schuine lichtinval er nog een hoog rendement is van de zonnepanelen.
1.3. Zoals er echter double layer DVD-disks zijn, zullen er binnenkort wellicht ook double layer zonnepanelen zijn.

2. Het combineren van water met zonnepanelen.
2.1. Dit is een ideetje, omdat de warmte de zonnepanelen eigenlijk meteen ook qua rendement negatief beïnvloedt.  Gelijktijdig kunnen zonneboilers hier misschien van genieten?  Om dit zeker te zijn, zou ik best eens de temperatuur meten aan de onderzijde van de panelen, zeker?  Maar wie vertelt me nog wat ik met warm water kan doen op warme dagen (buiten grote grondreservoirs, zoals nu al uitgetest wordt om bepaalde wegen vorstvrij te houden in de winter).
2.2. Misschien kan zelfs nog de kracht van het vallende regenwater benut worden...  Als ik zou beginnen over zonnepanelen met ruitenwissers, dan mag je mij 'lunatiek' verklaren.  En hoe werken zonnepanelen onder een laagje van 2 mm water? Ik heb trouwens al zelf gedacht aan grote spiegels die aan de oost of westzijde zouden uitklappen om meer zonlicht te creëren 's morgens of 's avonds.  Maar ja, technisch zie ik dat ook niet direct zitten. 

3. Aanvullen met een windmolentje, maar dan een molentje dat aan lager toerental draait (geluidshinder/levensduur)
3.1. In de winter is gebleken bij mijn testen, dat er verrassend veel wind is en dat die kwalitatief goed is (energievol).  Vooral dicht bij de zee blijkt dat meer en meer rendabel.   Verder dan de as Kortrijk-Antwerpen, heb ik er echter mijn bedenkingen bij (tenzij de grote molens dan weer).  Plus dat als we alles vol met windmolens plaatsen, we het aantal stormen zullen laten toenemen, want de drukverschillen komen nog meer onder druk (wind is niets meer dan drukverschillen tussen gebieden, in gewone woorden: als je op een weerkaart de druklijnen dicht bij elkaar ziet staan, dan moet je daar jouw hoed [of haar goed, spielerei] vast houden.  Ideaal is trouwens een windmolen nèt boven zeewater, wist u dat.  Meer dan OP de muur van Zeebrugge, blijken die NAAST de muur van Zeebrugge.
3.2. Samen met 2.2. denk ik dat er met een gewoon huis van enige hoogte ergens nog een krachtbron is die we moeten kunnen gebruiken.  In de wedstrijden van 'perpetuum mobile' zijn al veel zaken gevonden met gravitatiekracht, windkracht, middelpuntvliedende kracht. 

4. Zeker en vast een heleboel dingen waar ik niet aan denk, omdat ik er nu te dicht bij sta.

Jean Marc VAN BELLE, Bellegoed, Bellegem, 2004.